ZEESCHILDPADDEN EN REUZENHAGEDISSEN

ZEESCHILDPADDEN EN REUZENHAGEDISSEN

Geschreven op 25-02-2020
Guy Devos


Ze zijn een beetje familie van elkaar alhoewel de een in het water leeft en de ander op het land. Ze verschillen in vorm, in grootte en in taille. Ze hebben niets met elkaar gemeen en toch zijn het verre nichten en neven van elkaar.
Ruim 240 miljoen jaar geleden leefde er op onze planeet een bijzonder diertje met de naam Pappochelys rosinae. Deze gepantserde hagedis is de link tussen de hedendaagse schildpadden en de hagedissen. Onderzoekers beweren dat de botten van deze hagedis in de loop van miljoenen jaren zijn geëvolueerd tot schilden. Het oudste teruggevonden fossiel van een volledige schildpad is ongeveer 205 miljoen jaar oud.

Zeeschildpadden zijn reptielen die zich hebben aangepast aan het leven in de oceanen maar zijn met uitsterven bedreigd omdat ze erg kwetsbaar zijn door achtergelaten drijvend debris en door koolwaterstofvervuiling, zoals olie en vetstoffen. Bovendien kan de levenscyclus niet optimaal gedijen als ze hun eieren niet kunnen leggen op zandstranden, wat op zich een moeilijke zaak is op Tenerife omdat het toerisme zich vooral rond deze zandstranden magnetiseert.

Op en rond de Canarische Eilanden zijn er zes geregistreerde soorten schildpadden aanwezig waaronder de Kemps zeeschildpad (Lepidochelys kempii) en de Warana of de dwergschildpad (Lepidochelys olivacea) die zeer goed gedijen in Canarische wateren.
In mindere mate zijn ook de karetschildpad (Eretmochelys imbricata), de grote lederschildpad (Dermochelys coriacea), de groene schildpad (Chelonia mydas) en de onechte karetschildpad (Caretta caretta) in dit biotoop terug te vinden.

Kemps zeeschildpad is de kleinste zeeschildpad ter wereld en isook de sterkst bedreigde soort. De gemiddelde schildlengte bij een volwassen exemplaar bedraagt 60 tot 70 centimeter. De schildkleur is altijd groengrijs en nooit roodbruin zoals bij andere zeeschildpadden, de buikzijde is lichter van kleur tot geheel wit. De schildpad leeft voornamelijk van krabben en andere kreeftachtigen en eet soms plantendelen. Hun grote vijanden zijn roofvissen zoals de haaien. Het verspreidingsgebied is relatief klein in vergelijking met andere zeeschildpadden die soms wereldwijd voorkomen. De schildpad leeft langs de kust tot enkele tientallen kilometers uit de kust in ondiepe wateren.

De warana of dwergschildpad heeft een schildlengte van ongeveer 70 centimeter.
De kleur van het schild is groen, de onderzijde van het lichaam is lichter. Opmerkelijk is het aantal hoornschilden op het rugpantser dat kan variëren en bovendien kan het aantal schilden aan de linkerkant van het schild verschillen van het aantal aan de rechterzijde. De schildpad komt in een ruime omgeving rond de evenaar voor en zet de eieren af op alle continenten. De vrouwtjes komen vaak in grote groepen aan land om de eieren af te zetten. De warana leeft van kleine dieren zoals kreeftachtigen en is de enige zeeschildpad die niet bedreigd is tot uitsterven. Net als de andere soorten gaat de populatie wel achteruit door toedoen van de mens.

De karetschildpad, ook wel ‘echte’ karetschildpad genoemd heeft een gemiddelde schildlengte van ongeveer 70 centimeter. Hiermee is de schildpad een middelgrote soort in vergelijking met andere zeeschildpadden. De karetschildpad is te herkennen aan de overlappende hoornschilden op het rugschild, de tandachtige uitsteeksels aan de achterzijde van het schild en de duidelijk gehaakte papegaaiachtige bek. De schildpad komt ook in de ruime omgeving rond de evenaar voor en is een typische bewoner van rotskusten en ondiepe wateren. De volwassen vrouwtjes komen alleen aan land om eieren af te zetten. Op het menu staan voornamelijk sponsdieren, maar ook andere zeedieren en zeeplanten worden gegeten.

De lederschildpad heeft een vrijwel wereldwijde verspreiding en komt voor van de tropische zeeën rond de evenaar tot in de poolwateren. De voortplanting is vergelijkbaar met die van andere in zee levende schildpadden. Omdat de soort sterk in aantal is afgenomen en het verspreidingsgebied is verkleind wordt de schildpad tegenwoordig beschermd. Door het vele onderzoek dat naar deze soort is verricht is er in vergelijking met andere schildpadden veel bekend over de biologie en de levenswijze.

De lederschildpad onderscheidt zich van alle andere zeeschildpadden door een afwijkende levenswijze.
Het is het enige reptiel dat vrijwel volledig leeft van kwallen, die zeer arm zijn aan voedingsstoffen. Het uiterlijk is karakteristiek omdat de voor schildpadden kenmerkende hoornschilden op het rugschild ontbreken en daarnaast de rugzijde duidelijk meervoudig gekield is. De lederschildpad is het enige reptiel dat min of meer endotherm is, de lichaamswarmte wordt zelf aangemaakt en vastgehouden. Alle andere schildpadden zijn uitgesproken poikilotherm of koudbloedig.

De groene zeeschildpad (Chelonia mydas) is van alle soorten zeeschildpadden de grootste en heeft tevens het grootste verspreidingsgebied, de schildpad komt overal rond de evenaar voor.
Deze schildpad heeft een schildlengte van bijna een meter en is van andere soorten te onderscheiden door de verschillen in de schubben op de kop en de structuur van de hoornschilden op het rugschild. Jonge soepschildpadden leven voornamelijk van dierlijk materiaal maar volwassen exemplaren zijn meer herbivoor; zij verorberen vooral zeegras en algen.

De schildpad wordt ook soepschildpad genoemd door het feit dat het dier in het verleden op grote schaal voor consumptie werd gevangen. Tegenwoordig is de schildpad vrij zeldzaam en wordt ze door internationale verdragen beschermd. Menselijke activiteiten zoals het illegaal rapen van de eieren en het onbedoeld doden van de schildpad als bijvangst in de visserij drukken tegenwoordig nog steeds zwaar op de populaties.

De intense visactiviteit ronde de Canarische Eilanden zijn vaak oorzaak van ongevallen waarbij de zeeschildpadden gewond raken of verstrikt raken in visnetten. Er zijn drie centra, waaronder een op Tenerife, die gewonde en aangespoelde verzwakte zeeschildpadden opvangen en verzorgen tot ze terug kunnen uitgezet worden.

Op de Canarische Eilanden wonen er verschillende soorten hagedissen, ze zijn endemisch en behoren aldus tot een uniek genre dat enkel op de eilanden en op de zuidwestelijke kusten van Marokko terug te vinden is. Dit zijn de Gallotia-hagedissen. Ze zijn erg grof gebouwd, hebben een grote kop en een gedrongen lichaam. Ze leven in rotsige gebieden en spleten waar veel vegetatie aanwezig is, want in tegenstelling tot de meeste echte hagedissen bestaat het menu naast kleine diertjes voor een belangrijk deel uit plantendelen als fruit en bloemen. Ze worden gecatalogeerd onder reuzenhagedissen maar zijn niet langer dan 80 centimeter lang.

De Canarische hagedis heeft een lichaamslengte tot 12 centimeter en kan een totale lengte bereiken van 45 centimeter. De lichaamskleur is bruin, de mannetjes kleuren deels blauw gedurende de paartijd waardoor ze goed opvallen. Het uiterlijk verschilt enigszins per  geografische locatie, de exemplaren op El Hierro zijn opvallend klein terwijl de exemplaren op La Palma opvallen door de blauwe zijkanten van de kop.

De oorsprong van deze hagedissen is te vinden bij de kolonisatie vanaf het Afrikaanse continent naar de oudste oostelijke eilanden van de Canarische archipel, miljoenen jaren geleden. Er wordt aangenomen dat de eerste Afrikaanse hagedissen klein waren en pas op de eilanden zijn geëvolueerd naar meer lichaamsgrootte.
Net als hagedissen uit andere taxonomische families zijn dit omnivoren die zich voeden met plantenscheuten, vruchten, insecten en kleine gewervelde dieren.

Zowel bij de zeeschildpadden als bij de reuzenhagedissen zijn er private- en overheidsinitiatieven die bescherming en rassenherstel beogen van beide soorten. Uiteraard hebben ze vijanden: de zeeschildpad krijgt af te rekenen met haaien, de reuzenhagedissen worden bedreigd door wilde roofdieren.

Om helemaal volledig te zijn vermeld ik hier dat ook gekko's (Gekkota) erg verspreid en in een grote verscheidenheid op Tenerife voorkomen. Dit zijn reptielen die behoren tot de hagedissenfamilie maar hierboven niet werden beschreven.
Voor alle duidelijkheid nog dit. Het Spaanse lagarto staat voor hagedis, een gekko wordt hier geco genoemd. Veel toeristen halen deze twee wel eens door elkaar.
Als je naar de pootjes kijkt dan merk je het verschil.