Een ANdere week

Een ANdere week

Geschreven op 25-05-2020


maandag 25 mei 2020

Naast sleutels, portemonnee en zonnebril is mijn mondmasker een vast onderdeel van de inhoud van mijn handtas. Het blijft nog steeds een irritant ding, waarbij je dus uitgeademde lucht terug inademt. Er is toch een goede reden waarom die lucht uit je lijf moet, denk ik dan? Die hoeft echt niet meer terug naar binnen. Ik draag het masker enkel wanneer het niet anders kan. Zoals op de vlooienmarkt bij 30 graden met andere bezoekers. Zweetdruppels mengen zich probleemloos met mijn getinte dagcrème en zetten zich gezellig vast op de binnenkant van het masker. Het kriebelt.

“Dat schuurt de darmen”, met die stelling ben ik opgegroeid. Een andere manier om te zeggen dat je niet dood gaat van een keertje niet je handen te wassen of iets van de grond te plukken. Hygiëne is belangrijk, maar niet overdrijven. Zie ons vandaag bezig. Een schril contrast met onze opvoeding. We speelden in de velden, maakten kampen en wie durfde te proeven van de zelfgemaakte indianensoep op basis van een handjevol modder, was steevast de held.

Maar het virus heeft ons angst aangedaan. We durven bijna niets meer aan te raken, alsof het zich overal wel ergens verschuilt? En dat terwijl er in Tenerife dagelijks 1 à 2 besmettingen bijkomen. Ik probeer er mijn leven niet door te laten leiden en vooral mijn logisch verstand te gebruiken. Al is dat niet makkelijk, we moeten de vele regels volgen. Soms zijn ze absurd. Het is oké om te zonnebaden op het strand, maar dat moet als een uitgeperste citroen, want een drankje kan niet.

Ik stap een schoenwinkel binnen. De vriendelijke dame toont me haar nieuwe collectie. De sandalen zijn prachtig, ik wil ze aan. Maar dan komt de uitleg over de procedure “hoe een schoen te passen in coronatijden”. Ik moet handschoenen aan, de gebruikelijke gel en een plastiek rond mijn voet. Mijn oorspronkelijk enthousiasme verdwijnt als sneeuw voor de zon. Deze gevoelige voeten willen testen met welk materiaal ze te maken hebben, maar helaas is dat niet mogelijk. Ik pas, voel alleen maar plastiek, stap rond in de winkel met de sandaal en voel alleen maar .....plastiek. De sandaal ziet er mooi uit en ik koop ze. De drang om een nieuw paar schoenen is gelukkig groter dan het ongemak. Dit wordt mijn corona sandaal. Eénmaal thuis pas ik opnieuw, ze zitten goed.

De keuken, die half februari klaar had moeten zijn, is bijna volledig afgewerkt. Het werd een lange weg met weinig “ups” en veel “downs”. Ik ben werfleider, een functie die me ongevraagd werd toegewezen. Je weet wel, dat is zo iemand die alles controleert en dan vaak het slechte nieuws brengt dat het niet goed is of tenminste niet goed genoeg. De werkman raakt geïrriteerd door mijn 65ste opmerking. Ik hou voet bij stuk, maar de stress en twijfel slaan toe. Moet ik nu mijn lat lager leggen? Mag ik niet verlangen dat het werk perfect uitgevoerd wordt? Is het teveel gevraagd een dampkap te wensen die kookgeuren opzuigt in plaats van uitblaast? Ik ben geen expert, maar ik zie het verschil tussen een goed en een minder goed resultaat. Maar misschien moet ik toch een beetje mijn verwachtingen bijstellen. Wanneer ik ’s avonds een paar glazen afwas en mijn tenen nat worden doordat het water onderuit de kast verschijnt, voel ik opnieuw een lichte irritatie. De werkman heeft de leiding vergeten te sluiten. Tja, kan gebeuren?

Maar het leuke nieuws van deze week is dat we voorzichtig plannen maken voor de zomer. En daar fleur ik van op. Onder voorbehoud kunnen we de komende drie maanden indelen. Als alles goed gaat kan Ferre mee op bivak met de chiro van Lembeek, komt een deel van familie naar Tenerife en kunnen we op vakantie gaan naar één van de Canarische eilanden. Mooie vooruitzichten. Het plannen kan beginnen. 


maandag 18 mei 2020

Deze week draait rond verandering. Nieuwe regels betekenen een new way of life of ten minste opnieuw een aantal dingen aanpassen en bijstellen. In plaats van te kijken naar wat niet mag, bedenken we wat wel kan. Padel met twee is moeilijk, maar tennis is oké. Toch lijkt het veld zo groot als de oppervlakte van Siam Park wanneer ik dat verdomd balletje raken wil. Gelukkig is de conditie van mijn tennispartner ook niet wat het ooit geweest was. We zijn aan elkaar gewaagd. Een spelletje zit er niet in maar we strijden wel om de langste rally. Na de eerste stijfheid is mijn lijf blijkbaar blij dat het kan springen en lopen. Met flair slaag ik de balletjes terug, toch neem ik even de tijd om het bergachtig decor te bewonderen. De beloning achteraf op het gezellig terras van de tennisclub met een stukje zeezicht maakt de start van de dag gewoon perfect.

 

We beleven nieuwe hoogtepunten, een restaurant bezoek. Al loopt het vooraf gedeelte niet van een leien dakje. Weg is de spontaniteit van last minute een hapje te eten. Diepgaande research is nodig om te bekomen wat we willen. Ferre wil een typisch Canarisch vleesrestaurant maar het is niet makkelijk om er één te vinden met genoeg buitenruimte. Dankzij een inside tip van een vriend ontvangen we een link met een online reservatiesysteem van een degelijke, gekende resto. We boeken! Goodbye spontaniteit, maar welkom aan de culinaire uitstap.

 

Het doet deugd te zien dat er terug leven in ons klein dorpje is. De bakker bakt zijn taartjes, de beenhouwer promoot zijn hoevekip, een koppeltje drinkt koffie op het terras van een bar en enkele mensen lopen rond langs de weg. Een beeld dat ik sinds weken niet meer gezien heb. Ik bezoek het antiek uitziend kledingwinkeltje, anno ‘80, maar ze hebben veel spullen, waaronder de Levi’s boxershorts die Rik zo erg nodig heeft. Het oud vrouwtje is lief, ik denk dat ze lacht, maar dat zie ik natuurlijk niet gezien haar mondkapje. Ze is blij dat ze terug open mag. Ik koop wat ik nodig heb en op de terugweg naar huis breng ik nog even een bezoekje aan de werkende echtgenoot. Er zijn nog veel coronaregeltjes die we moeten volgen, maar dankzij mijn uitstapje ervaar ik vrijheid.

 

We mogen samenkomen met z’n tienen. Sommige buren nemen dat heel letterlijk en links en rechts hoor ik het uitbundig geluid van gezelligheid en de geur van gegrild vlees. Canario’s kunnen luid praten, merk ik op. Wij komen ook buiten, al is het voorzichtig. We maken er een kaartnamiddag van met vrienden, met een hapje en een drankje. Ferre speelt zijn spelletjes op zijn kamer maar komt regelmatig naar beneden om de sfeer op te snuiven en natuurlijk elk hapje te proeven. Later op de avond zitten we met z’n allen rond de gloeihete teppanyaki plaat, bij ons omgedoopt tot “de plancha”, om het gegeven te verspaansen. De gekruide gamba’s ruiken heerlijk, de sterke lookgeur komt ons tegemoet. In Tenerife hoef je je om een lookadem niet te schamen, het hoort er gewoon bij. Ik ruik het niet meer. We grillen, pellen, eten....en opnieuw en opnieuw. Het is de beste maaltijd sinds lange tijd. Niet omdat ik zo fantastisch kan koken, wél omdat we eindelijk weer de gezelligheid ervaren om met z’n allen in groep rond de tafel te zitten, naar elkaars verhalen te luisteren en werkelijk te genieten van het samenzijn.  


maandag 11 mei 2020

Voorzichtig past mijn brein zich aan de nieuwe realiteit aan. We mogen weer iets meer. Ik voel me net een sperzieboontje dat na het koken met ijskoud water wordt opgeschrikt, zodat het zijn mooi kleurtje behoudt. Net zoals ik het moeilijk had met de lange opsluiting, heb ik het moeilijk te beseffen dat we effectief buiten mogen. Mijn hoofd doet alle moeite om de regeltjes te lezen en goed te leren wat wel en niet mag. Ik voel me een beetje nerveus. Zijn we er zeker van? Mogen we echt rondtoeren op het eiland en afspreken met mensen? Het is alsof één deel van me zegt: “Blijf anders gewoon thuis, dat is simpel en zo slecht nog niet”. Maar het ander deel wil absoluut buiten, wil opnieuw leven, wil plezier maken. Dus ik zet voort. Ik ga verder met de combo’s van regels. Die geven nog een kleine kortsluiting. Dus.... dan kan ik met ons gezin naar Los Cristianos rijden om iets te eten, maar wandelen is er verboden? Ik mag met vrienden op een terras, maar moet ik dan op een afstand van hen zitten? Dat worden lange tafels, denk ik dan.

 

Daarnaast betekent de versoepeling van maatregelen een groot onderhoud. Niet voor het huis, elke kast is sinds lange tijd grondig ondersteboven gehaald. De opknapbeurt is voor onszelf. Tandarts, check-up, kapper, ... noem maar op. Zonder te beseffen loop ik sinds enkele weken met pijnlijke gewrichten en hoofdpijnen. Nu ja, migraine is bij ons in de familie kind aan huis, maar de laatste weken is het hardnekkig aanwezig. Gelukkig mag ik snel naar de osteopaat. Ik test regelmatig iets nieuw en de lockdown gaf me de kans om na te denken over dit volgend project. Naïef lig ik op de tafel, totaal onvoorbereid op wat komen zal. Mijn benen en armen vertonen één centimeter verschil. Ik schrik ervan en vraag me af hoe die man dat gaat oplossen. Bij het tweede uitblaasmoment gebeurt het, zonder te beseffen, een krak van jewelste, een oorverdovend scherp geluid fluit tussen mijn oren. Ingeboterd en uitgekraakt verlaat ik na een uur verdwaasd de tafel. Het is een verrijking, bevrijdend, maar tegelijkertijd de verschrikking van mijn leven.

 

Tijdens mijn dagelijkse routinewandeling merk ik de openstaande deur van de pedicure. Ik glip binnen en vraag om een afspraak. Ze is niet bepaald vriendelijk, ze kent me niet gezien de uitbating ondertussen verschillende keren gewijzigd is. Ze zet haar mondmasker op en mompelt iets onverstaanbaars. In mijn beste Spaans maak ik een mopje over mijn verwaarloosde tenen met een resterend vleugje verf maar ze lacht niet. Grappen in een andere taal, dat is niet aan iedereen gegeven. Ik kan het niet. De dame kijkt in haar agenda, ik moet een week wachten op een afspraak, alles zit vol. Het was te denken, ik ben te laat.

 

Een gevolg van emigreren is dat je bijvoorbeeld met moederdagen niet goed weet welke dag je als echte feestdag beschouwt. Want de Spaanse dag, die wordt soms vergeten. En ik doe liever mee met het Belgisch feest, maar ja, we wonen er niet meer. Dan maar tweemaal, dat is prima. Na ontvangst van felicitaties, een dikke knuffel en een brunch, wordt dit opnieuw een zondag met veel tijd. Maar ik denk niet aan vandaag, mijn hoofd zit al in de volgende week. Ik zorg voor een geordend huis en een laatste strijkje. Mijn legging gaat de kast in, ik zoek alvast een leuk kleedje uit. Het lijkt alsof we op vakantie vertrekken, maar dan zonder koffer. Het wordt een nieuwe, spannende week vol avontuur. Mijn verwaarloosde agenda krijgt opnieuw kleur en zingeving, na tal van weken elke geplande activiteit één voor één te schrappen. We maken afspraken met vrienden, als het goed is dan drinken we samen en als we geluk hebben een restaurant te vinden, dan eten we. Uit voorzorg voorziet mijn vriendin een back-up plan, plan A en B, want we zijn er nog niet gerust in.

 

Ook Rik wacht in spanning de bestellingen van de Belgische bieren af. De horeca mag, mits een aantal voorwaarden, open. Maar gebeurt dit effectief? Het wordt onrustig op Facebook, de Belgische horeca-uitbaters twijfelen en vragen zich af hoe het zal zijn. We zijn benieuwd. We analyseren de situatie. Zullen mensen zich verder opsluiten of juist buiten komen en voorzichtig genieten van een terrasje? Op enkele gestrande toeristen na, zijn de meeste vakantiegangers met de noorderzon verdwenen. Maar Tenerife telt bijna één miljoen inwoners, die mensen zullen vast en zeker goesting hebben in een Belgisch biertje op een zonovergoten terras!

 


Maandag 4 mei 2020

An Struelens is weddingplanner en woont met haar gezin in Tenerife. Haar man Rik werkt bij Transbelga, zoon Ferre is 14 jaar en gaat naar een Spaanse school in de buurt. Het leven gaat zijn gewone gang, zelfs in Coronatijden.

Koen belt me en vraagt of ik schrijven wil, hij leest me graag. Ik ontvang met plezier zijn compliment. Mijn fantasie vervoert me naar een tijdperk waar je met zo’n ganzenveren pen in de inkt drukt en de mooiste kronkels maakt op een stevig wit papier. Zalig moet dat zijn. De edeldame zag er in de film steevast fris en elegant uit. Het huidig tijdperk is echter anders. Opkleden hoeft niet, gewoon laptop, drankje en tokkelen maar. Woorden worden in sneltempo neergetikt en opnieuw weggeveegd alsof ze nooit bestonden. Gretig schrijf ik het leven van afgelopen week.

Een hoogtepunt, de verjaardag van de zoon. Mijn moederhart breekt omdat ik het beloofde feest niet geven kan. Als alternatief maken we een opgepimpte versie van een gewone dag. Tonnen felicitaties en telefoontjes volgen tijdens het uitgebreid feestontbijt. Kleine cadeautjes zitten verstopt in en rond het huis, de familie geeft op afstand met koude en warme tonen aan waar hij zoeken moet. Frietjes komen aan huis, op bestelling van bij de Belgische frituur. On top of the bill wordt het een avontuurlijke verjaardag, na een valmoment met schaafwonden en bloed als gevolg van een wandeling tussen de rotsen. Wanneer Ferre me ’s avonds vertelt dat hij een leuke dag gehad heeft, beter dan verwacht, dan weet ik dat hij veerkrachtig is en een goed aanpassingsvermogen heeft. Ik ben fier, want het zijn kwaliteiten die hij nog vaak nodig zal hebben.

Kleine dingen zoals koken, samen eten gevolgd door een “dank je wel, het was lekker”, daar geniet ik van. Samen naar “De mol” kijken of “Mijn restaurant”, tja het zijn programma’s die me even doen wegdromen. Al lopen die allemaal op zijn einde en hopelijk komt er snel iets nieuw in de plaats. Daarnaast ben ik fan van een spannende Netflix serie. We selecteren “Into the night” een veelbelovende Belgische productie. Jammer genoeg lost het onze verwachtingen niet in. Het is een trillerserie maar we lachen. Teveel toevalligheden. Toch blijven we kijken, ik wil weten hoe die nacht uiteindelijk eindigt.

Het is 8 uur ‘s ochtends, ik spring uit bed. Een wekker hoeft niet, mijn biologische klok zegt me dat de dag begint. We trekken de bergen in, we hebben nog tijd vooraleer ons tijdslot erop zit. Want om 10 uur zijn de 70-plussers aan de beurt. Onderweg puf ik, Rik trekt me lachend voort, mijn conditie heeft duidelijk een make-over nodig. Boven genieten we van mooie vergezichten. Prachtig is het hier. Zo dichtbij en nog nooit geweest, corona geeft ons de kans om de natuur dichtbij huis te ontdekken. We zien de Rode berg van El Medano die als het ware statig in de zee zijn plek inneemt, er hangen wolken maar gelukkig niet nabij de zon. Ik voel de warmte en besef ten volle hoe goed we het hebben. Het virus loert hier niet om de hoek, het is er niet.

Op dat moment gaat Rik zijn telefoon. Een vrouw praat met een gebroken stem. Haar man is net gestorven en ze huilt. Tussen de tranen door vraagt ze hoeveel een verhuis naar België kost. Na vele jaren gaat ze terug naar haar geboorteland, maar eerst moet ze nog een lange weg afleggen. Ze is hulpbehoevend, gekluisterd aan haar bed en moet revalideren. Ik luister mee en aanhoor haar torenhoge verzorgingskosten. Rik brengt haar in contact met “We do care”, een organisatie die in deze situatie het verschil kan maken. Het gesprek stopt. We worden er beiden stil van en stappen in mineur de berg af.

Na 7 weken in strikte lockdown betekent wandelen een wereld van verschil. De dag heeft meer zin, er is een opvulling, iets om naar uit te kijken. Ik ben al lang niet meer boos en verdrietig. Lamgeslagen door de gebeurtenissen van de afgelopen tijd, ben ik blij dat we iets krijgen. Als zoveel dingen je afgenomen worden, dan ben je tevreden met het minste. Zo voelt het. Ik verzet me niet, ik doe gewoon mee. Gezien ik graag een zicht heb op de toekomst, ben ik opgelucht dat Spanje een plan heeft. En, al mocht het sneller, het is naar mijn gevoel een goed plan. We hebben een houvast, we hebben hoop op beterschap, we hebben toekomst en dat geeft me kracht. Ik ban alle negatieve gedachten uit mijn hoofd. Want positieve mensen trekken ook positieve dingen aan. Daarnaast besef ik nu pas wat genieten van de kleine dingen des levens echt betekent. Voordien zei ik het ook, maar nooit zo gemeend als vandaag. Het heeft zoveel meer betekenis. Ik ben er zeker van, dit gaan we nooit vergeten.